Nu Peer dood is, ben ik weer vrij om een ander personage te bedenken. Leve de vrijheid!
Maar eerst dit:
Op Rock Herk kom je de grappigste dingen tegen.
Zo was er een man die niet wist wat een nachtwinkel was, en ons uitlachte toen we het probeerden uit te leggen.
Er was een man die een iPod met bijhorende minispeakers in zijn borstzak had zitten en zei: "Als ge sevves ne Dixie hoort zingen, niet omduwen he!"
En de tweede ochtend werd ik wakker door een jongeman die zijn verwondering maar bleef uiten over de tentstokken van zijn Nederlandse buur. "Zo'n tenstokken heb ik nog nooit gezien, en ik heb in mijn leven al heel wat tentstokken gezien!" (en zo ongeveer een uur lang)
Toen ik wat later de tenstokken zag, vond ik ze niet eens zo speciaal.
Weg met Dour, leve Rock Herk!
De muziek was ook niet slecht trouwens.
UPDATE:
De zondagmorgen door Hasselt dwalen levert trouwens prachtige nieuwe woorden op (met dank aan Ponas en Fartijn):
Een rijschool waar je met een bak kunt leren rijden: Bakkerijschool
Een school waar je je "Ho's" leert tellen: Hotelschool
maandag 21 juli 2008
dinsdag 15 juli 2008
Peer en zijn zoektocht naar het Geluk (deel 6)
Neenee, Peer was het nog niet helemaal vergeten. Dat moet je niet denken. Je mag dat denken, maar dan ben je mis!
Stomme André met zijn (zonder eigenlijk) verjaardagscadeau. Altijd maar uitstellen en valse beloftes doen! Peer was het meer dan zat.
Tijd voor een stevige aframmeling dus!
Peer was een zeer gewelddadige man, als het op aframmelingen aankwam. hij had zich trouwens goed voorbereid. Hij had twee boksbeugels gekocht. Die deed hij beide aan één hand. In de andere had hij een vlindermes. Zo'n mes waarmee je eerst wat moet zwaaien alvorens het bruikbaar is.
Na de rondleiding bij de koeien gingen ze weer naar binnen. Toen de deur goed en wel dicht was, zwaaide Peer vervaarlijk met zijn mes in het rond. De daaropvolgende conversatie ging als volgt:
André: Wat de fok jom, wa zedde gij feitelijk zo aan 't ronddraaien met de mes jom? Da's retegevaarlijk!
Peer: Jè jom, da hadde indertijd euw cadeau da ge altijd beloofde ook ma echt moeten geven he jom!
André Wat de fok jom, wor hedde 't feitelijk over jom? Dees kan ik ni volgen za jom...
Peer: Nie jom? Wete nog da ge me ooit ne cadeau hebt beloofd vur men verjaardag? He? En da da zogezeed veul te moelijk was om gans af te maken? He? Wel, as ge da nu ni drek geeft, dan krijgde batsen za jom!
André: Ahja das wor ook! Hahaha, ge had toch nie gedoecht da ge da echt nog ooit ging krijgen zeker? Ik zen dor eigenlijk nooit echt tegoei aan begonnen. Sukkel man! En daar komde gij nu nog mee af ofwa? Da's wel wa laat he jom! En wa denkte da ge got doen met da prutsmeske?
Peer: Godverdoeme jom, dikke lul! Hier, dees is wa ik daarmee gon doen!
En Peer haalde met een grote zwaai uit naar André zijn gezicht. Maar dat was buiten de waard gerekend! Want die kwam op dat moment net binnen met een leger katten. De waard was een goede vriend van André en kwam altijd op het ideale moment binnen. Altijd had hij wel iets speciaals bij. Deze keer was het dus een leger katten. Kwam dat even goed uit!
Op de waard zijn bevel vielen de katten Peer aan. Die kon met zijn vlindermes en boksbeugels weinig beginnen tegen de bloeddorstige beesten.
Binnen de kortste keren schoot er niks meer over van zijn gezicht.
"Ik geef me over!!!", riep Peer.
De waard floot zijn katten terug. André nam een groot samurai-zwaard en hakte Peers hoofd af.
Daarna nam hij een hakmes en kapte zijn ledematen af, stak ze eerst in diepvrieszakjes en vervolgens in een diepvriezer.
Dat was het einde van Peer.
Stomme André met zijn (zonder eigenlijk) verjaardagscadeau. Altijd maar uitstellen en valse beloftes doen! Peer was het meer dan zat.
Tijd voor een stevige aframmeling dus!
Peer was een zeer gewelddadige man, als het op aframmelingen aankwam. hij had zich trouwens goed voorbereid. Hij had twee boksbeugels gekocht. Die deed hij beide aan één hand. In de andere had hij een vlindermes. Zo'n mes waarmee je eerst wat moet zwaaien alvorens het bruikbaar is.
Na de rondleiding bij de koeien gingen ze weer naar binnen. Toen de deur goed en wel dicht was, zwaaide Peer vervaarlijk met zijn mes in het rond. De daaropvolgende conversatie ging als volgt:
André: Wat de fok jom, wa zedde gij feitelijk zo aan 't ronddraaien met de mes jom? Da's retegevaarlijk!
Peer: Jè jom, da hadde indertijd euw cadeau da ge altijd beloofde ook ma echt moeten geven he jom!
André Wat de fok jom, wor hedde 't feitelijk over jom? Dees kan ik ni volgen za jom...
Peer: Nie jom? Wete nog da ge me ooit ne cadeau hebt beloofd vur men verjaardag? He? En da da zogezeed veul te moelijk was om gans af te maken? He? Wel, as ge da nu ni drek geeft, dan krijgde batsen za jom!
André: Ahja das wor ook! Hahaha, ge had toch nie gedoecht da ge da echt nog ooit ging krijgen zeker? Ik zen dor eigenlijk nooit echt tegoei aan begonnen. Sukkel man! En daar komde gij nu nog mee af ofwa? Da's wel wa laat he jom! En wa denkte da ge got doen met da prutsmeske?
Peer: Godverdoeme jom, dikke lul! Hier, dees is wa ik daarmee gon doen!
En Peer haalde met een grote zwaai uit naar André zijn gezicht. Maar dat was buiten de waard gerekend! Want die kwam op dat moment net binnen met een leger katten. De waard was een goede vriend van André en kwam altijd op het ideale moment binnen. Altijd had hij wel iets speciaals bij. Deze keer was het dus een leger katten. Kwam dat even goed uit!
Op de waard zijn bevel vielen de katten Peer aan. Die kon met zijn vlindermes en boksbeugels weinig beginnen tegen de bloeddorstige beesten.
Binnen de kortste keren schoot er niks meer over van zijn gezicht.
"Ik geef me over!!!", riep Peer.
De waard floot zijn katten terug. André nam een groot samurai-zwaard en hakte Peers hoofd af.
Daarna nam hij een hakmes en kapte zijn ledematen af, stak ze eerst in diepvrieszakjes en vervolgens in een diepvriezer.
Dat was het einde van Peer.
zondag 13 juli 2008
dinsdag 8 juli 2008
MTV is stoem!
Thank you Captain Obvious!
No but seriously. Eerst "Made" en dan "My Super Sweet Sixteen". En om dan nog maar te zwijgen over al de andere zooi die ze uitzenden. Ik kan me zelfs niet herinneren dat ik ooit nog een goeie ouwe muziek clip heb gezien op MTV.
Nee, doe mij dan maar Jim. De muziek mag dan niet altijd geweldig zijn, de sms-games zeer irritant, maar er is tenminste nog muziek. En de niet-muzikale programma's zijn dikwijls ook nog wel amusant. Vooral dan "We Like To Party", briljant!
TMF is gewoon heel de dag stoeme cartoons. Er was een tijd dat ik nog uitkeek naar de cartoons tijdens Samson & Gert, maar die onnozele Nickelodeon boecht doet me echt niks.
Meh. Gefrustreerd!
No but seriously. Eerst "Made" en dan "My Super Sweet Sixteen". En om dan nog maar te zwijgen over al de andere zooi die ze uitzenden. Ik kan me zelfs niet herinneren dat ik ooit nog een goeie ouwe muziek clip heb gezien op MTV.
Nee, doe mij dan maar Jim. De muziek mag dan niet altijd geweldig zijn, de sms-games zeer irritant, maar er is tenminste nog muziek. En de niet-muzikale programma's zijn dikwijls ook nog wel amusant. Vooral dan "We Like To Party", briljant!
TMF is gewoon heel de dag stoeme cartoons. Er was een tijd dat ik nog uitkeek naar de cartoons tijdens Samson & Gert, maar die onnozele Nickelodeon boecht doet me echt niks.
Meh. Gefrustreerd!
zondag 29 juni 2008
Peer en zijn zoektocht naar het Geluk (deel 5)
Plots stak André zijn vinger recht in Peers navel (die was duidelijk te onderscheiden dankzij de combinatie van zijn bol penske en zijn strak poloke) en gaf er nog een draai aan ook.
Peer schreeuwde het uit van de pijn. Hij voelde het tot aan zijn rechterknieholte. Welke barbaar had deze begroeting ooit bedacht?
André was zich echter van geen kwaad bewust en begeleidde hem naar de woonkamer.
Peer was nog nooit bij André thuis geweest. Hij inspecteerde het huis dan ook grondig. Blijkbaar had André toch economischer gebouwd dan hij verwacht had.
Toen Peer het huis langs de buitenkant had gezien, had hij zich verbaasd om de enorme grootte. Aangezien André alleen woonde, vroeg hij zich af waarom hij zo'n groot huis nodig had.
Het antwoord werd echter meteen duidelijk toen Peer binnenkwam. Alle binnenmuren bestonden uit opeengestapelde koelkasten en diepvriezers. De spleten waren opgevuld met Tec 7. Dat was natuurlijk geniaal! Ten eerste was dit voor André een goedkoop, zelfs winstgevend, alternatief voor bakstenen. Ten tweede zorgen frigo's voor de ultieme isolatie. Ten derde werd elke koelkast of diepvries nuttig gebruikt. Sommige om te koelen, andere waren niet aangesloten en deden dienst als opbergruimte.
Het enige nadeel was natuurlijk dat de muren wat dikker waren. Om toch nog genoeg ruimte te hebben, moest het geheel dus wat groter zijn.
Peer had meteen wat meer respect gekregen voor André.
Ze gingen zitten aan een salontafeltje, gemaakt van een frigodeur. André ging koffie halen. Hij had een zeer vernuftig systeem ontworpen om koffie te zetten. Hij had een oud koffiezetapparaat als het ware versmolten met één van zijn diepvriezers. De warmte die de diepvriezer genereerde, werd gebruikt om koffie te maken en warm te houden. Vermits de diepvriezer altijd aanstond, had hij ook altijd warme koffie.
Peer was zeer onder te indruk. De koffie had wel een raar smaakje, maar er zat caffeïne in en meer moest dat niet zijn.
Na de koffie kreeg Peer een rondleiding in de tuin. Daar had André een koe en een stier staan. André vertelde hem over zijn rundersysteem. De koe en de stier hadden twee weiden. Deze waren gescheiden door een smalle doorgang, waar een loopband stond. Om van de ene wei naar de andere te gaan, moest de koe of de stier over de loopband. Het sensorsysteem zette de loopband dan in generatortoestand zodat het beest in kwestie niet vooruit ging over de lopende band. Het beest zou dan steeds harder beginnen lopen en zo een generator aandrijven die een batterij oplaadde. Eens de batterij vol was, werd de band stilgezet en kon het beest naar de andere wei.
Op die manier voorzag André in de stroomvoorziening voor zijn koelkastensysteem. En dat werkte voortreffelijk, want als de stier zin had om te poepen, liep die achter de koe aan. De koe had meestal geen zin, en ging dus naar de andere wei. Zo werd er heel wat heen en weer gehost.
Als de stier de koe dan wel te pakken kreeg en de koe werd drachtig, dan kwam er een kalf.
Indien dit kalf van het mannelijk geslacht was, slachtte André de stier en voorzag zo in zijn eigen voedselvoorziening van een half jaar. Als het kalf van het vrouwelijk geslacht was, slachtte hij de koe.Het geslachte beest had natuurlijk heel wat vlees dankzij de vele training op de loopband. Op die manier werd tevens de voortplantingscyclus in gang gehouden. Dat dit tot inteelt leidde, interesseerde André niet. Als het echt te gortig werd, verkocht hij de boel en kocht hij twee nieuwe beesten.
Op die manier had André niet alleen gratis elektriciteit maar ook gratis vlees en melk. Zijn diepvriezers zorgden dan voor de bewaring.
Peer was weer zeer onder de indruk.
Hij was al bijna vergeten waarvoor hij gekomen was. Maar nog niet helemaal...
wordt vervolgd...
Peer schreeuwde het uit van de pijn. Hij voelde het tot aan zijn rechterknieholte. Welke barbaar had deze begroeting ooit bedacht?
André was zich echter van geen kwaad bewust en begeleidde hem naar de woonkamer.
Peer was nog nooit bij André thuis geweest. Hij inspecteerde het huis dan ook grondig. Blijkbaar had André toch economischer gebouwd dan hij verwacht had.
Toen Peer het huis langs de buitenkant had gezien, had hij zich verbaasd om de enorme grootte. Aangezien André alleen woonde, vroeg hij zich af waarom hij zo'n groot huis nodig had.
Het antwoord werd echter meteen duidelijk toen Peer binnenkwam. Alle binnenmuren bestonden uit opeengestapelde koelkasten en diepvriezers. De spleten waren opgevuld met Tec 7. Dat was natuurlijk geniaal! Ten eerste was dit voor André een goedkoop, zelfs winstgevend, alternatief voor bakstenen. Ten tweede zorgen frigo's voor de ultieme isolatie. Ten derde werd elke koelkast of diepvries nuttig gebruikt. Sommige om te koelen, andere waren niet aangesloten en deden dienst als opbergruimte.
Het enige nadeel was natuurlijk dat de muren wat dikker waren. Om toch nog genoeg ruimte te hebben, moest het geheel dus wat groter zijn.
Peer had meteen wat meer respect gekregen voor André.
Ze gingen zitten aan een salontafeltje, gemaakt van een frigodeur. André ging koffie halen. Hij had een zeer vernuftig systeem ontworpen om koffie te zetten. Hij had een oud koffiezetapparaat als het ware versmolten met één van zijn diepvriezers. De warmte die de diepvriezer genereerde, werd gebruikt om koffie te maken en warm te houden. Vermits de diepvriezer altijd aanstond, had hij ook altijd warme koffie.
Peer was zeer onder te indruk. De koffie had wel een raar smaakje, maar er zat caffeïne in en meer moest dat niet zijn.
Na de koffie kreeg Peer een rondleiding in de tuin. Daar had André een koe en een stier staan. André vertelde hem over zijn rundersysteem. De koe en de stier hadden twee weiden. Deze waren gescheiden door een smalle doorgang, waar een loopband stond. Om van de ene wei naar de andere te gaan, moest de koe of de stier over de loopband. Het sensorsysteem zette de loopband dan in generatortoestand zodat het beest in kwestie niet vooruit ging over de lopende band. Het beest zou dan steeds harder beginnen lopen en zo een generator aandrijven die een batterij oplaadde. Eens de batterij vol was, werd de band stilgezet en kon het beest naar de andere wei.
Op die manier voorzag André in de stroomvoorziening voor zijn koelkastensysteem. En dat werkte voortreffelijk, want als de stier zin had om te poepen, liep die achter de koe aan. De koe had meestal geen zin, en ging dus naar de andere wei. Zo werd er heel wat heen en weer gehost.
Als de stier de koe dan wel te pakken kreeg en de koe werd drachtig, dan kwam er een kalf.
Indien dit kalf van het mannelijk geslacht was, slachtte André de stier en voorzag zo in zijn eigen voedselvoorziening van een half jaar. Als het kalf van het vrouwelijk geslacht was, slachtte hij de koe.Het geslachte beest had natuurlijk heel wat vlees dankzij de vele training op de loopband. Op die manier werd tevens de voortplantingscyclus in gang gehouden. Dat dit tot inteelt leidde, interesseerde André niet. Als het echt te gortig werd, verkocht hij de boel en kocht hij twee nieuwe beesten.
Op die manier had André niet alleen gratis elektriciteit maar ook gratis vlees en melk. Zijn diepvriezers zorgden dan voor de bewaring.
Peer was weer zeer onder de indruk.
Hij was al bijna vergeten waarvoor hij gekomen was. Maar nog niet helemaal...
wordt vervolgd...
woensdag 25 juni 2008
Sitting on a corn flake
... of toch bijna!
Aanschouw, de grootste corn flake ever!
Niet verschieten he!
http://www.maartentytgat.net/cornflake.JPG
Jep. For real. Zat in een gewone doos Jempy corn flakes. Manman. Toch wel stevig opgegeten anders!
Ik daag iedereen uit om ne grotere corn flake te vinden...
.xXx.
Maarten
ps: ik ben goedgeluimd want morgen is mijn laatste examen (baby!)
Aanschouw, de grootste corn flake ever!
Niet verschieten he!
http://www.maartentytgat.net/cornflake.JPG
Jep. For real. Zat in een gewone doos Jempy corn flakes. Manman. Toch wel stevig opgegeten anders!
Ik daag iedereen uit om ne grotere corn flake te vinden...
.xXx.
Maarten
ps: ik ben goedgeluimd want morgen is mijn laatste examen (baby!)
maandag 23 juni 2008
Peer en zijn zoektocht naar het geluk (deel 3)
Enkele kwartieren later kwam Peer aan bij de boerderij van André. Net toen hij uitstapte moest hij plots denken aan een column die hij laatst had gelezen. Eigenlijk had hij een hekel aan columns. Hij las ze zelden, en als hij ze las, ergerde hij zich, zoals hij zich wel vaker ergerde aan onnozele dingen, aan de hopen komma's (en haakjes) die de columnschrijvers gebruikten in hun zinnen, om intelligenter over te komen. Peer was iemand die perfect wist waar in een zin een komma moest komen, en waar niet. Vóór het woord "en" was bijvoorbeeld not done. Hij voelde het gewoon aan. Een kommma komt ergens waar de zin in twee gedeeld wordt, maar waar een punt gewoon net iets té zou zijn. Hij zondigde zelf wel eens aan de regels, maar dat was dan omdat hij niet oplette. Hij was bovendien minder kritisch voor zichzelf dan voor anderen.
Waar Peer minder goed mee overweg kon, was het gebruik van aanhalingstekens. Hij merkte dat het hip was om in plaats van aanhalingstekens te gebruiken, gewoon cursief te typen, maar hij was nog van de generatie die had leren schrijven met pen en papier. En met pen en papier is het lastig om cursief te schrijven. Laat staan vet. Maar dus aanhalingstekens, daar had hij moeite mee.
De column ging over andere columnisten. De columnist in kwestie betreurde het zwakke taalgebruik van zijn collega's. Het verderf van de Nederlandse Taal.
Peer vond dat bullshit. There's no such thing as het verderf van een taal. Hijzelf spekte zijn gesproken zinnen geregeld met woorden uit een andere taal. Het was een goede oefening voor de tong, vond hij. Hij vond het bovendien ook zeer vervelend dat de schrijver maar zat te zagen om pietluttigheden, maar eigenlijk niks interessants te vertellen had.
Hij had de column gelezen terwijl hij op het toilet zat. De WC. Dat gezever had de kwaliteit van zijn kakbeurt danig verlaagd, dat hij heel de dag nors was geweest.
Deze hele gedachtengang ging vrij snel door Peer zijn hoofd.
Toen de gedachtengang gedaan was, dacht hij aan wat hij zou zeggen als hij weldra ging aanbellen. In zijn jonge jaren was het gangbaar om "Joew" en dan de naam van de te begroeten persoon te zeggen. Tegenwoordig was het echter de gewoonte om niks te zeggen en je wijsvinger in de andere zijn navel te planten. Peer wist echter niet of André van deze begroetingswijze op de hoogte was en besloot dus maar om het op een simpele "Joew" te houden.
"Joew André!" zei hij dus toen André de voordeur opende.
Wordt vervolgd
Waar Peer minder goed mee overweg kon, was het gebruik van aanhalingstekens. Hij merkte dat het hip was om in plaats van aanhalingstekens te gebruiken, gewoon cursief te typen, maar hij was nog van de generatie die had leren schrijven met pen en papier. En met pen en papier is het lastig om cursief te schrijven. Laat staan vet. Maar dus aanhalingstekens, daar had hij moeite mee.
De column ging over andere columnisten. De columnist in kwestie betreurde het zwakke taalgebruik van zijn collega's. Het verderf van de Nederlandse Taal.
Peer vond dat bullshit. There's no such thing as het verderf van een taal. Hijzelf spekte zijn gesproken zinnen geregeld met woorden uit een andere taal. Het was een goede oefening voor de tong, vond hij. Hij vond het bovendien ook zeer vervelend dat de schrijver maar zat te zagen om pietluttigheden, maar eigenlijk niks interessants te vertellen had.
Hij had de column gelezen terwijl hij op het toilet zat. De WC. Dat gezever had de kwaliteit van zijn kakbeurt danig verlaagd, dat hij heel de dag nors was geweest.
Deze hele gedachtengang ging vrij snel door Peer zijn hoofd.
Toen de gedachtengang gedaan was, dacht hij aan wat hij zou zeggen als hij weldra ging aanbellen. In zijn jonge jaren was het gangbaar om "Joew" en dan de naam van de te begroeten persoon te zeggen. Tegenwoordig was het echter de gewoonte om niks te zeggen en je wijsvinger in de andere zijn navel te planten. Peer wist echter niet of André van deze begroetingswijze op de hoogte was en besloot dus maar om het op een simpele "Joew" te houden.
"Joew André!" zei hij dus toen André de voordeur opende.
Wordt vervolgd
Abonneren op:
Posts (Atom)